
Veertig jaar geleden vond de geruchtmakendste moord uit de moderne Zweedse geschiedenis plaats. Premier Olof Palme werd doodgeschoten op straat in Stockholm. Meerdere onderzoeken kenden spectaculaire wendingen, maar de moord is nog steeds onopgelost.
Olof Palme stuurt zijn beveiligers meestal naar huis aan het einde van zijn werkdag. De 59-jarige premier van Zweden brengt zijn vrije tijd graag door als gewone burger. Op de avond van vrijdag 28 februari 1986 gaan hij en zijn vrouw Lisbeth met hun zoon Marten en diens vriendin naar de bioscoop in de binnenstad van Stockholm.
Na de film lopen de premier en zijn vrouw samen naar huis op Sveavagen, de drukste straat van Zweden. Om 23.21 uur duikt een man op achter het echtpaar, met een revolver in zijn hand. Twee schoten klinken. Eén kogel raakt Olof Palme in zijn rug, de tweede schampt de rug van Lisbeth. De premier is op slag dood. De schutter rent een zijstraat in, beklimt een trap en verdwijnt uit het zicht.
De moord op Palme houdt de Zweedse politie tientallen jaren bezig. Duizenden mensen worden ondervraagd en meer dan 130 mensen melden zich als dader. Er is een veroordeling, snel gevolgd door vrijspraak in hoger beroep. Jaren later wijzen de autoriteiten een ander aan als dader. Ook dat wordt teruggedraaid. De zaak is nu gesloten.
Regelmatig wordt de gewelddadige dood van de Zweedse premier vergeleken met die van de Amerikaanse president John F. Kennedy en de Nederlandse politicus Pim Fortuyn, als een moment waarop een land op een brute wijze iets van zijn onschuld verloor. Een latere opvolger van Palme omschreef de moordzaak als een “open wond” in de Zweedse samenleving. Veertig jaar na de twee schoten op Sveavagen is die wond nog niet geheeld.
Premier Palme had de nodige vijanden gemaakt
Palme was de charismatische leider van de Zweedse sociaaldemocratische partij (SAP) en een oudgediende in de politiek. Hij was meerdere keren minister voordat hij voor het eerst premier werd (1969-1976). Zijn tweede premierschap volgde in 1982. Palme was een uitgesproken linkse hervormer en bouwde de Zweedse verzorgingsstaat flink uit. Het maakte hem weinig geliefd in rechtse kringen.
Ook internationaal liet Palme zich gelden. Hij deed zijn best om de Zweedse neutraliteit te bewaren in de Koude Oorlog, maar spaarde zijn kritiek op de grootmachten niet. Palme was fel tegenstander van het Amerikaanse optreden in de Vietnamoorlog en veroordeelde de onderdrukking van de Praagse Lente door de Sovjet-Unie en de apartheid in Zuid-Afrika. Hij steunde meerdere bevrijdingsbewegingen in Zuid-Amerika, bepleitte de Palestijnse zaak en ging op bezoek bij Fidel Castro in Cuba.
Talloze theorieën over wie achter de moord op Palme zit, zijn in de loop van de jaren de revue gepasseerd. Waren het Zweedse neonazi’s? Waren het de Italiaanse vrijmetselaars? Of was het de CIA, de KGB, de Israëlische Mossad of de Koerdische PKK? Zweedse onderzoekers reisden in 2020 nog naar Zuid-Afrika om daar met inlichtingendiensten te praten. Onder anderen journalist Stieg Larsson, beter bekend als schrijver van de Millennium-trilogie, was ervan overtuigd dat het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime verantwoordelijk was.
Politie ging de mist in en bewijzen ontbraken
De politie van Stockholm was aan het klungelen op de fatale avond. De plek waar Palme werd doodgeschoten werd niet goed afgezet, waardoor omstanders vrij spel hadden en mogelijk forensisch bewijsmateriaal konden vernietigen. Meer dan een dozijn ooggetuigen zagen de dader schieten en wegrennen, maar hun verklaringen over zijn uiterlijk waren warrig en vaak tegenstrijdig.
Op basis van geruchten in het criminele circuit werd beroepscrimineel Christer Pettersson opgepakt. Lisbeth Palme wees hem aan in een politieline-up en meerdere bekenden van hem verklaarden dat hij rond het tijdstip van de moord in de binnenstad was. Pettersson werd in 1989 veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Een jaar later werd dat vonnis vernietigd in hoger beroep, vanwege een gebrek aan bewijs.
Een andere verdachte was Victor Gunnarsson, een politieke activist met extreemrechtse banden. Hij werd gearresteerd, maar snel weer vrijgelaten na een ruzie tussen de politie en het OM. Gunnarson verhuisde naar de VS. Hij werd in 1993 dood gevonden in een bos, met twee kogels in zijn hoofd. De obsessieve ex van zijn vriendin, een oud-politieagent, werd daarvoor veroordeeld. In Zweden werd de tragische dood van Gunnarsson voer voor complottheorieën over de moord op Palme.
Grafisch ontwerper schuldig verklaard – en toen weer niet
Het Zweedse OM kondigde in 2020 met enige bombarie aan dat het mysterie rond de dood van Palme was opgelost: Stig Engström was waarschijnlijk de dader. De grafisch ontwerper bij een verzekeringsmaatschappij was een van de getuigen die zeiden de moord te hebben gezien. De politie beschouwde hem als een onbetrouwbare aandachtzoeker. Engström maakte in 2000 een einde aan zijn eigen leven.
De hoofdofficier van justitie gaf toe dat er niet genoeg bewijs was voor een vervolging, wel voor een aanhouding en verhoor. Aangezien Engström al twintig jaar dood was, zat dat er allemaal niet meer in. De zaak werd gesloten verklaard.
Dat kwam het OM op een stortvloed van kritiek te staan. Familieleden en vrienden van Engström zeiden dat hij geen vlieg kwaad deed. Juridische deskundigen stelden dat de aanklagers speculaties en indirect bewijs aan elkaar hadden geknoopt om iemand die zich niet meer kon verdedigen publiekelijk schuldig te verklaren.
De huidige hoofdofficier trok in december vorig jaar de conclusie van zijn voorganger in. Het bewijs was opnieuw bekeken en “biedt geen basis” om Engström aan te wijzen als dader, of om het onderzoek te heropenen, zei hij. De zaak rond de moord op premier Olof Palme blijft gesloten – en onopgelost.